Gezondheid

Miniatuur Bull Terriër

Een goede gezondheid is voor de miniatuur bullterriër heel erg belangrijk.

Het is erg belangrijk dat een miniatuur bullterriër waarmee men wil fokken kerngezond is. Daarom is het erg belangrijk om je miniatuur bullterriër van te voren te laten testen op PLL, Hart en Nieren.

Wij laten dan ook al onze honden waarmee dekkingen plaat zullen vinden, zowel teven als reuen van te voren testen op PLL, Hart en Nieren. Wij maken dan ook alleen gebruik van gezonde honden in ons fokprogramma.

Hartafwijking

De twee meest voorkomende aangeboren en erfelijke hartafwijkingen bij Bullterriers zijn de mitralisinsufficiëentie en subvalvulaire aortastenose.  Bij mitralisinsufficiëentie openen en sluiten de mitraliskleppen niet zo goed, doordat de mistralisklep een afwijkende vorm heeft, mistralisdysplasie genaamd. De mitralisklep is de klep tussen de linker boezem en de linker kamer.  

Doordat de kleppen niet zo goed meer openen/sluiten  (als het ware lekken)  wordt bij het samentrekken van de linker kamer niet al het bloed de aorta ingedreven.  Een gedeelte van het bloed zal terug stromen naar de linker boezem.  De nadelige gevolgen hangen af van de hoeveelheid bloed dat terug stroomt in de boezem en zijn afhankelijk van de ernst van de aandoening.

Men verdeeld de ernst van deze aandoening in drie gradaties

  • Gradatie 1 is een milde vorm van mitraaldysplasie
  • Gradatie 2 is een gematigde vorm van mitraaldysplasie
  • Gradatie 3 is een ernstige vorm van mitraaldysplasie

Bij de milde vorm en vaak ook bij de gematigde vorm vertoont de hond meestal geen symptomen. Deze honden kunnen een relatief normaal leven leiden. Als er sprake is van een ernstige vorm van mistralisinsuffisciëntie zullen er drukveranderingen in de linker hartkamer ontstaan met uiteindelijk ook een hogere bloeddruk in de longbloedvaten. Dit zal tot gevolg hebben dat er zich vocht in de longen gaat opstapelen, longoedeem genaamd.

De volgende symptomen kunnen het gevolg zijn van mistralisdysplas en  longoedeem

  • Sneller vermoeid zijn
  • Moeilijk ademen
  • Hoesten

Het hart van de hond zal in eerste instantie de stijgende druk willen compenseren en doet dit door uit te zetten, zichtzelf te vergroten. Als de aandoening onbehandeld blijft of niet goed reageert op de therapie zal uiteindelijk het hart zo  groot worden dat de zenuwgeleiding van de hartspier faalt en er ritmestoornissen kunnen optreden. De volgende symptomen kunnen dan waargenomen worden.

  • Flauwvallen
  • Algehele zwakte
  • Of in elkaar zakken

Honden met een milde vorm kunnen met gemak 10 jaar of ouder worden.  Toch verdient het de aanbeveling om niet met deze honden te fokken.  Indien gepaard met een partner met dezelfde milde vorm is de kans groot dat er nakomelingen worden geboren die de gematigde vorm of zelf de ernstige vorm van mitraaldysplasie vertonen.

Subvalvulaire aortastenose is een vernauwing van de aorta net onder de klep. Dit veroorzaakt problemen voor het hart omdat dit harder moet pompen om het bloed van de linker kamer in het lichaam te krijgen. Als het hart harder moet werken dan reageert de hartspier hier op door dikker te worden.  Als de spier dikker wordt dan kan de inhoud van de kamer krimpen en daardoor kan de linker kamer minder bloed kan verwerken. Een verdikte hartspier heeft ook meer zuurstof nodig, maar net door de verdikking is het voor de bloedtoevoer ook moeilijker om het hart van zuurstof te voorzien.

Er treden veranderingen op in het hart en gevolgen van de vernauwing van de aorta.  Al dit kan leiden tot hartfalen en een plotselinge dood.  Soms zelfs voordat de hond symptomen heeft vertoont.  Een ogenschijnlijk gezonde hond kan plotseling dood neervallen.

Subvalvulaire aortastenose kent net als mitraaldysplasie drie gradaties; mild, gematigd en ernstig. Het verdiend de aanbeveling om dieren middels een doppler echocardiografie te laten testen op een hartafwijking alvorens ze voor de fokkerij worden ingezet.

Kleuren Doppler-echo

Sinds enige tijd beschikt de dierengeneeskunde over een vernieuwd echografisch apparaat, de kleuren Doppler-echo. Het grote voordeel van dit apparaat is dat er beter gekeken kan worden naar aangeboren hartafwijkingen, zoals een gaatje tussen de linker en de rechter harthelft. Ook op latere leeftijd verkregen hartproblemen, bijvoorbeeld een lekkende hartklep, kunnen beter in beeld gebracht worden.

Wat is het verschil met de “gewone” echo?

De kleuren Doppler-echo kan stroomrichtingen van het bloed, met behulp van een kleur,  in beeld brengen. Als er een hartklep niet goed sluit zal dit dus zichtbaar worden door een bloedstroom (in de vorm van een kleur) die de “verkeerde kant” op stroomt (regulatie).

Verder zijn er met de kleuren Doppler-echo zeer goed wervelingen in de bloedstroom te zien. Deze wervelingen (turbulentie) ontstaan bijvoorbeeld door een hartklep afwijking (mitralisinsufficientie) of door een vernauwing in een bloedvat/ aorta (subvalulaire oartastenose).

Het apparaat kan onderzoeken op video opnemen en tevens foto’s nemen van afwijkingen en deze uitprinten.

Op het apparaat zit tevens een ECG module en er kunnen fonogrammen gemaakt worden van abnormale hart geluiden, zogenaamde bijruisen (souffle). Bij een fonogram wordt een grafiek van het bij geruis (souffle) gemaakt en over het ECG gelegd zodat men kan zien in welk deel van de hartslagcyclus het geruis ontstaat. Dat laatste is weer van belang omdat het een aanwijzing geeft waar de oorzaak gezocht moet worden.

Vooral voor de opsporing van aangeboren hartafwijkingen is de kleuren Doppler-echo een onmisbaar hulpmiddel voor het stellen van de juiste diagnose.

Neem contact op voor meer informatie

Nieren

Ieder dier heeft twee nieren. De nier heeft de vorm van een boon. De nieren liggen in de buikholte, tegen de rugspieren en de ruggengraat, net achter de ribben. In de deuk van de boon lopen bloedvaten, lymfevaten, zenuwen en de ureteren in en uit de nier. De nier wordt voorzien van bloed door de nierslagaders die vanaf de aorta naar de nier leiden. De nierslagader heet ook wel arteria renalis.

De nier is opgebouwd uit kleine filtersysteempjes. Elk niersysteempje kan gezien worden als een bolletje kleine bloedvaatjes die werken als een zeefje. De moeilijke naam voor een dergelijk zeefje is een nefron. De kleine bloedvaatjes samen heten een glomerulus. De bloedcellen en de grote eiwitten kunnen niet door de glomerulus.

Andere stoffen wel. Deze worden opgevangen in het kapsel van Bowman, dit is een soort trechter onder de zeef. Aan de tuut van het kapsel van Bowman begint het nierbuisje of tubulus. De tubuli lopen van het kapsel van Bowman naar het binnenste van de nier, hier maakt het een haarspeldbocht terug naar de glomerulus. De glomerul gaan over in verzamelbuizen welke tezamen uitkomen in het nierbekken. De nier bevat duizenden nefronen. Alle gromerul, dus de bloedvaatjes, liggen aan de buitenkant van de nier, de nierschors. Alle tubuli, dus de nierbuisjes, lopen naar binnen de nier in. Deze buisjes vornen in de nier een bepaald patroon en vormt het niermerg. De urine verlaat hier via de ureter de nier richting de blaas.

De nier bevat duizenden nefronen.

De ureteren zijn dunne buisjes die van de nieren over het dak van de buikholte naar de blaas lopen. Ze gaan door de blaaswand en lopen nog een stukje door. Op deze manier wordt de blaas afgesloten op het moment dat hij vol is en wordt terugstromen van de urine voorkomen.

Er zijn twee afvalstoffen die door de nieren uit het bloed worden gehaald

  • Ureum
  • Creatinine

Ureum ontstaat bij de afbraak van eiwitten. Creatinine ontstaat bij de afbraak van spieren. Beide stoffen zijn niet heel giftig, maar gemakkelijk aan te tonen in het bloed. Als de concentratie van creatinine en ureum is gestegen in het bloed dan kan men er van uit gaan dat ook de concentratie van andere giftige stoffen gestegen is en dat er iets mis is met de ontgiftigings functie van de nieren. Deze situatie noemt men uremie. Een uremie vindt pas plaatst als 70% van de nier niet meer functioneert.

Er kunnen drie oorzaken zijn voor uremie

  • Pre-renale uremie waarbij de nieren niet goed doorbloed worden. De oorzaak hiervan ligt buiten de nier zelf, bijvoorbeeld bij uitdroging
  • Renale uremie. De oorzaak van de niet functionerende nier ligt in de nier zelf. De ureum / creatinine ratio is hoger dan 100
  • De postrenale uremie waarbij de oorzaak ligt in de afvoerende urinewegen, dus in de ureteren of de blaas. Bijvoorbeeld bij een verstopping door een nier/blaassteen dan kan de urine niet weg. Hierdoor kan er ook weinig primaire urine gemaakt worden. De ureum / creatinine ratio is hoger dan 150

Symptomen van een niet goed functionerend urinewegstelsel/uremie

  • Braken
  • Diarree 
  • Vermageren 
  • Afwijkend gedrag 
  • Verandering in het plaspatroon 
  • Vaker plassen (polyurie) 
  • Veel drinken (polydipsie) 
  • Soms ook weinig of niet plassen (anurie) 

Bij een acuut nierfalen stopt de nier er plotseling mee en ontstaat uremie. Er vindt een snelle verzuring van het bloed plaats (acidose) die levensbedreigend is. Een dier zal aan het infuus moeten om te proberen de nier te forceren weer aan het werk te gaan. Vervolgens moet de oorzaak van het acute nierfalen aangepakt worden, dit kan bijvoorbeeld een bacterie zijn.

Bij de behandeling van nierfalen is het zeer belangrijk om geen bijkomende nierschade op te lopen. Men dient de nier zo min mogelijk te belasten en het dier wordt daarom op een nierdieet gezet en eventueel wordr er ook ondersteunende medicatie voorgeschreven. In de humane geneeskunde worden het bloed van de patienten door middel van nierdialse gefilterd en ie er de mogelijkheid voor niertransplantatie Het ureumgehalte en creatinine is eenvoudig d.m.v. bloedafname te testen door uw dierenarts. Door middel van een urine staal kan vroegtijdig eiwitverlies opgespoord worden, nog voordat er sprake is van uremie. In een gespecialiseerd laboratoriom wordt dan de eiwit/creatinine ratio bepaald. Het gebruik van teststrips in urine is onbetrouwbaar.

Primaire Lens Luxatie (PLL)

Ook bij dit ras komen erfelijk problemen voor, hier volgt enige uitleg hierover. De lens hangt vast aan zogenaamde ophangbandjes, deze zijn sterk en kunnen best een stootje hebben. De problemen komen als de ophangbandjes breken en de lens los komt te liggen. Er zijn verschillende oorzaken aan te wijzen voor het breken van deze bandjes. Dit kan veroorzaakt worden door een trauma van buitenaf, of door erfelijke afwijking. Langzaam breken de ophangbandjes af, en zo kan de inhoud van het achterste oogkamer (het glasachtiglichaam / glasvocht) naar de voorste oogkamer lekken. Dit is het vroegste merkbare symptoom van de lensluxatie. Als de ophangbandjes gebroken zijn, komt de lens geheel los te liggen, het glasvocht moet weg en komt door de pupil naar voren.

Vervolgens loopt de druk in het oog op en veroorzaakt glaucoom (groene staar). De lens kan achterover in het oog zakken, dan zijn de bloedvaten en de oogzenuw zichtbaar. De lens kan ook in zijn geheel voor het oog komen te liggen, als een glazige schijf. Als de lens naar voren tegen het hoornvlies blijft "schuren" beschadigd deze het hoornvlies. Is er reeds een te hoge oogdruk opgetreden, dan zal het hoornvlies blauw worden, zogenaamd corneaoedeem. Het oog is nu pijnlijk en blind. Wordt lensluxatie en een vroeg stadium ontdekt, dus voor de oogdruk te hoog oploopt, dan kan de lens door middel van een operatie verwijderd worden. De hond kan na de operatie minder scherp zien, maar kan alles nog goed onderscheiden.

Wij zijn lid van de Nederlandse Miniatuur Bull Terriër Club" (NMBTC) en de "Deutscher Club für Bullterrier e.V." (DCBT). En houden ons bij het fokken van de miniatuur bullterriër aan het fok reglement van de rasvereniging NMBTC en de Raad van beheer.

Like ons op Facebook
Volg ons op Instagram